Olifant

“Olifant, olifant!” zei hij.

Wij naar elkaar kijken: olifant? Nergens te zien aan de ontbijttafel. Hij wordt zot.

Toen wees hij naar het stuk kaas waar hij net – zonder brood – een gulzige hap had uit genomen. En ja, het gaatje was het oog en door zijn hap waren er onderaan twee poten verschenen.

“Nu slurf opeten,” zei hij.
“Jaja, met brood,” antwoordden we bijna tegelijkertijd.

Advertenties

About this entry